Senegambia

Posted from Serrekunda, Banjul, The Gambia.

We gingen de grens met Guinea over en reden Senegal in. Na meer dan een week reizen door het ruige Ivoorkust en Guinee, waren we nu weer in de beschaving. Voor elke andere persoon zou het echter waarschijnlijk gewoon Afrika zijn. De weg was opeens uitstekend – gesponsord door de vrijgevige mensen van de Europese Unie. Ook kwamen we andere overlanders tegen en waren luxes zoals internet opeens weer beschikbaar. We reden de Casamance in, een provincie die tientallen jaren om onafhankelijkheid heeft gevochten, en al snel werden de perfecte wegen heel erg slecht. Deze provincie had duidelijk de wegen met meer asfalt dan gaten niet verdiend. We probeerden van de weg af te komen door noordelijk Gambia in te gaan, maar de ferry over de Casamance rivier rekende belachelijke prijzen. Achteraf was de ferry wellicht toch het geld waard, want de weg naar Ziguinchor werd nog slechter. Het werd zo erg dat we overwogen om onze trots te slikken en terug naar de ferry te gaan. Uiteindelijk bereikten we echter toch de hoofdstad van het Zuiden en werden we beloond met een mooie camping van een aardige Franse mevrouw. Vanaf daar zou het een eenvoudige rit zijn naar Gambia, het kleine landje omsloten door Senegal. Voor beide landen hadden we geen visum nodig en was er relatief weinig bureaucratie. In de jaren ’80 hebben Senegal en Gambia geprobeerd om een confederatie te vormen: Senegambia. Dat initiatief is echter nooit echt van de grond gekomen.

We reden rustig richting Serrekunda, waar we uitgenodigd waren door een Duitse mevrouw (Anna) om op haar terrein te kamperen. Ze was erg gastvrij en belde direct een monteur toen ze hoorde dat we er één nodig hadden. We konden onze stapels vieze kleding en beddengoed wassen, en kregen een kans om de auto goed te wassen. Gambia bood ons de mogelijkheid om onze zaken op orde te brengen voordat we de Sahara in gingen. We kregen er ook ons visum voor Mauritanië in Serrekunda: een transit visum voor slechts drie dagen. Voor de aanvraag moesten we echter de exacte inreisdatum aangeven. Het transit visum scheelde veel geld (€45 in plaats van €94), dus we kozen een veilige datum waarop we het land binnen zouden komen.

Gambia is een toeristische bestemming synoniem met mannelijke prostitutie, marihuana en eindeloze hoeveelheden “bumsters” (ritselaars). De toeristen zijn vooral Europeanen uit de lagere klassen van de bevolking die naar Gambia komen voor wat plezier. Vrouwen van middelbare leeftijd huren jonge zwarte mannen voor wat plezier, en nemen ze soms zelfs mee naar Europa om ze te trouwen. Vrouwelijke prostitutie is minder prominent, maar voor 500 Dalasi (minder dan €15) kan je kiezen uit de mooiste vrouwen van West-Afrika. In realiteit zijn de meeste mensen erg arm en wanhopig – toeristen zijn een uitstekende, of zelfs de enige, bron van inkomsten.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *